Bewustzijn heeft geen vorm, geen kleur en geen grens. Het bezit geen eigenschappen waaraan we het kunnen herkennen. In zichzelf is het stil en onzichtbaar, zoals een lichtstraal die alleen zichtbaar wordt wanneer zij ergens op valt. Voordat het licht een voorwerp raakt, is het er al, maar niemand ziet het. Zo is het ook met bewustzijn. Het verschijnt niet als een object in de wereld, maar maakt juist mogelijk dat de wereld verschijnt. Alles wat gezien, gehoord, gedacht of gevoeld wordt, verschijnt in het licht van bewustzijn. Zonder dat licht zou niets gekend kunnen worden.
Zo is ruimte niet slechts de achtergrond van de wereld, maar haar stille fundament. Elke vorm wordt uit ruimte geboren en keert er weer in terug. Niets kan buiten die ruimte bestaan. Op dezelfde wijze is bewustzijn de openheid waarin alle ervaringen verschijnen. Het heeft geen begin en geen einde. Het wordt niet geboren en kan ook niet sterven. Het behoort niet tot de dingen die we waarnemen, maar is de helderheid waardoor waarneming mogelijk is.











